Waarom woonateliers?
Betrokken
bewoners
Wonen en leefomgeving zijn onderwerpen die alle mensen raken. Bij het
maken van beleid over wonen en leefomgeving zou dan ook eigenlijk iedereen
betrokken moeten worden.
Vooral in talloze naoorlogse volkswijken is de samenstelling van de bevolking
behoorlijk
gemêleerd geraakt. De oorspronkelijke, autochtone bewoners zijn grotendeels
vertrokken, oudkomers zijn gebleven en nieuwe generaties allochtonen (zoals vluchtelingen)
komen binnen. De betrokkenheid bij de wijk van vooral deze laatste twee groepen
blijft achter bij wat wenselijk en noodzakelijk is. En daarmee ook het inzicht
in en de kennis van wat deze groepen willen en zouden kunnen bijdragen aan duurzaam
samen
leven in de wijk.
Redenen voor succes
Juist de mogelijkheid om binnen een woonatelier samen met medebewoners
interactief vorm te geven aan je eigen wensen, blijkt vooral allochtone
- maar zeker ook autochtone - bewoners aan te spreken. Een woonatelier
wijkt wat dat betreft sterk af van de gangbare vergadercultuur op
bijvoorbeeld inspraakavonden.
In plaats van alleen maar praten, gaan deelnemers op onderzoek uit
en vertalen ze dromen en behoeften in concrete ontwerpen. Aan het einde
van een woonatelier presenteren ze die zelf aan gemeente en corporaties.
De laagdrempelige manier van actief betrekken en de uitwisseling
van persoonlijke wooncarrières dragen bij tot het succes. Niet
de leefwereld van professionals maar die van bewoners staat centraal
bij een woonatelier.
|